Pagina-afbeeldingen
PDF
ePub

wigvormige bladen, bloeit alhier in de oranjehuizen van april tot in mei, met zeer lieflyke groote purperachtige bloemen, die tien schoone meeldraedjes hebben. De Rafnia met drie bloemen (Rafnia triflora) van NieuwHolland, is een heester-houtgewas, dat getakkeld, met slymachtige, hartvormige, donkere bladen groeit, en meest in juny bloeit, met groote gele bloemen en gekleurde meeldraedjes. De Rafnia crotalaria triflora is een klein boomgewas van het eiland Nieuw-Galles, het groeit ook met slymachtige, groene, hartvormige bladen, en bloeit alhier meest in july, met geheel groote gele bloemen en tien verhevene meeldraedjes, die zeer bevallig zyn. Deze schoone nieuwe gewassen, waervan de peulvruchten in het land hunner afkomst eetbaer zyn en veel worden gebruikt om de pluimgedierten te voeden, kunnen alhier door het zaed in den heigrond, op teilen, in de oranjehuizen gezaeid en door uitspruitsels en inleggers, op lauwe broeibakken, onder het glas, vermenigvuldigd worden, maer moeten 's winters in potten in de planthuizen of matige serren bevryd zyn.

RAKKET, Fontein-Kerse, gemeen Lepelkruid, in 't fransch Roquette, Cresson, Sisymbre, in 't latyn Sisymbrium, is onder de 5e klasse, 4e sectie van Tournefort gesteld, door Jussieu onder de familie der kruisvormige bloemplanten, en onder de 15° klasse van Linnaeus, Tetradynamia siliquosa, viermagtigen, planten die met vier groote en twee kleine helmstyltjes bloemen en kleine hangende peulvruchten dragen.

Men vindt veel verscheidene soorten van Rakketten, die ook van sommigen Water-Kerse en wild Lepelkruid worden geheeten.

De Rakket of Fonteinkruid (Sisymbrium nasturtium van Linnaeus) is eene langlevende kleine kruidplant van Europa, die in België en elders in de grachten, vochtige meerschen, slaende en loopende waters en fonteinen wast, met gevleugelde, kleine, hartvormige blaedjes, waeruit in april gemeenlyk drie stengeltjes spruiten, die omtrent 15 of 20 centimeters hoog groeijen, en waerop meest in mei witte bloempjes bloeijen, die kleine hangende peulvruchten dragen.

BUB L. UNIV, - G ENT

------------- ----------

Het wild Fonteinkruid of Rakket (Sisymbrium sylvestre van Linnaeus) is ook een langlevend kruid, dat alhier aen het water en vochtige kanten der grachten en wegen wast, met lansvormige, getande en gekerfde bladen, bloeit in juny, met gele bloempjes, die lange, ronde en gebogene peulvruchten voortbrengen. De Aerde- en Water-Rakket (Sisymbrium amphibium) is een langlevend kruid van België, dat op de aerde en ook in het water groeit, met getande, gekerfde en gevleugelde bladen, draegt meest in mei gele bloempjes en brengt nederhellende peulvruchten voort. De Muer-Rakket (Sisymbrium tenuifolium van Linnaeus) is eene langlevende kruidplant van Europa, groeit meest op de oude muren, met bladstelen en drie gevleugelde blaedjes, die lynvormig en geland zyn; bloeit in mei, met tamelyk groote bloemkransen en gele bloemen. * De wyduitgestrekte Rakket (Sisymbrium strictissimum van Linnaeus) groeit veel in Duitschland, Zwitserland, België en Luxemburg, met veel lansvormige, getande en uitgesnedene bladen op de stengels, die zeer getakkeld zyn, wel omtrent 1 meter hoog groeijen en meest in mei gele bloemen dragen. Men vindt nog de volgende Rakketten, die maer éénjarige planten zyn : de Sisymbrium Sophia, die gemeenlyk alhier de Wysheid der Heelmeesters wordt genoemd, omdat zy die veel in de geneeskunde gebruiken; zy groeit veel in België in zandachtige velden, met korte stelen en gevleugelde bladen, die van een gescheiden zyn; bloeit meest in juny, met gele bloempjes, waervan de bloemblaedjes kleiner dan de bloemkelken zyn; de Sisymbrium palustre van Willdenow, groeit veel in België in de meerschen, de Sisymbrium murale van Linnaeus, groeit op de oude muren, de Sisymbrium Irio van Linnaeus, groeit alhier aen de kanten der velden. Deze kruiden zyn warm tot in den eersten en droog tot in den tweeden graed, bezitten eene samentrekkende kracht en worden op de wyze van de Kerse en het Lepelkruid, om het scheurbuik en andere kwalen te genezen, geacht, want het sap wordt nuttelyk gedronken, om de gezwollene milt, de verstoptheid der lever en het scheurbuik te genezen, dit sap wordt meest door afkooksel uit die planten getrokken, en ook voor vuile zeeren en zweringen van den mond gebruikt, het kruid gestooten en met Gerstemeel gemengd, doet op 10 uren de zwarte en vurige plekken, die somtyds op het vel komen, vergaen, inzonderlyk als dit met azyn bereid en er lauw opgelegd wordt, dit kruid wordt ook veel als de Salade met andere spyzen geëten en bereid.

RANUNKEL, Hanenvoet, in 't fransch Renoncule, in 't latyn Ranunculus, is onder de 6e klasse, 7e sectie d,r roosvormige bloemplanten van Tournefort gesteld, door Jussieu onder de familie van de Ranunkels, en onder de 13e klasse van Linnaeus, Polyandria polygynia, veelhelmigen, planten die van twintig tot honderd meeldraedjes, op het vruchtbeginsel vastgehecht, en veel stampertjes hebben. Men vindt heden meer dan 500 soorten van die langlevende planten, die alle met verschillige kleuren van bloemen bloeijen en sedert eenige jaren uit het zaed gesproten zyn. De wilde Ranunkels hebben den latynschen naem van Ranunculus uit Rana, in 't vlaemsch Vorsch, verkregen, omdat zy op de vochtige en moerassige plaetsen groeijen, waer gemeenlyk de kikvorschen verkeeren. De turksche Ranunkels zyn heden ook zeer vermenigvuldigd, men kan van die bloembollen, met alle verschillige soorten van kleuren gemengd, by onzen bloemist L. Van Houtte aen 50 franks de honderd verkrygen; zyne gemeene bloembollen verkoopt hy maer aen 5 franks de honderd, De heeren bloemkweekers Verschaffelt, J. Van Geert, vader en zoon, J.-B. De Saegher, Verleeuwen en veel anderen bezitten ook schoone soorten van die langlevende turksche Ranunkels, die in struiken groeijen, en vroeg in het voorjaer met schoone dubbele en verschillig gekleurde bloemen bloeijen, waeronder de Ranunculus aconitifolius, - alpestris, - sicaria flora pleno, - ampleavicaulis, - hybridus, glacialis, germineus, - illyricus, - lacerus, - montanus,– Parnassifolius, pedatus, - platanifolius, - rutaefolius, - pyrenaeus en meer andere, die van Azië oorspronkelyk zyn en allen om hunne lieflyke bloemen worden gekweekt.

De Ranunkel (Ranunculus Thora van Linnaeus) is eene langlevende kruidplant van de Alpische gebergten, die hier in de bloemtuinen wordt geplant, en groeit met drie gelipte, niervormige, doorzigtige bladen op de stengels, bloeit in mei, met gekleurde bloemkelken en lansvormige, gele bloembladen, die geheel gevaerlyk zyn en eene inbytende scherpe kracht bezitten.

Allioni, een italiaensche leeraer, stelt die onder het getal der hevigste vergiftplanten. De Ranunkel Thora heeft zynen naem uit het grieksch woord Phthora, dat in onze tael vernieling wilt zeggen, verkregen; men vindt deze plant ook veel ten alle kanten in België in het wilde groeijen, en deszelfs vergiftig sap is van over zeer oude tyden bekend, want men vindt in de geschiedenis, dat de oude belgische en fransche volkeren, ten tyde der Romeinen, hunne wapenen en de pylen, die zy den vyand toewierpen, met het sap van den Ranunkel Thora bestreken, om alzoo de wonden vergiftigd en doodelyk te maken. De turksche wapenen van Damas worden ook, om die vergiftigd te maken, met het sap van de Ranunkels van Azië getemperd. De kundige Lobel verhaelt dat in de voorgaende tyden, het sap uit den Ranunkel Thora in de lente werd getrokken en in ossen-hoornen gedaen, om alzoo aen de jagers te dienen om wolven, vossen en andere wilde dieren mede te vergeven. Dit vergiftig sap is nog veel gevaerlyker in de wonden dan inwendig genomen, dewyl alle wapenen, pylen, schichten en zwaerden, die er mede bestreken of getemperd zyn, doodelyke kwetsuren maken : de doctor Dalechamp verzekert dit door proeven, hy schryft dat hy met eene spelde, met Ranunkel-sap bestreken, eene duif heeft gesteken, die daervan seffens in bezwyming gevallen en gestorven is. Volgens het schryven van Plinius, zou de Ranunculus limeum africanum ook al hetzelfde vergift bezitten.

De gulden Knop-Ranunkel (R. acris van Linnaeus), die in België aen de wegen, meerschen en elders groeit, met ronde stelen, in drie gekerfde bladen, en boven op den stengel lynvormige, groote bladen, bolachtig geschikte kelken, en gele

bloempjes draegt, is ook zeer gevaerlyk, inzonderlyk voor de kruidetende dieren, die er bloed van kunnen pissen, als zy die versch eten. Die lynvormige, breede, scherpe blaedjes, of deszelfs sap, op het vel gelegd, trekken hevige en opzwellende ontstekingen, die door waterpuisten zyn gevolgd; men gebruikt hier nog te lande dezelfde blaedjes om de spaensche vliegen op de vesicatoren te vervangen. De doctor Roques raedt de menschen aen, die de spaensche vliegen vreezen omdat zy te veel op het vel prikkelen, trekplaesters van den Ranunculus acris te gebruiken, die ook zeer goed zyn voor het langdurig flerecyn, de heuppyn, het sciatica en de tandpyn, en voor menschen die met de zenuwziekte zyn gekweld, den voorkeur by de geneesmeesters verkregen hebben, maer veel kwakzalvers hebben een beklagelyk misbruik van het sap gemaekt, en door het aen de zieken te bevelen, by hen de koortsen en ylhoofdigheid verwekt; ook als men die plaesters met geene genoegzame voorzigtigheid gebruikt, kan deszelfs sap te diep in het vleesch dringen en kwade gevolgen of den kanker veroorzaken : een ervarene doctor, na dat hy die plaesters heeft gelegd, geneest aenstonds de wonde met balsem van Peru. De oude kruidbeschryver Dioscorides spreekt van eenen Ranunkel die in Sardiniën groeit, welke ingenomen of daer van geëten, stuiptrekkingen en dolgeest verwekt, en by de zieken eene krimping der lippen veroorzaekt, welke aen eenen grimlach gelykt, waervan de uitdrukking sardonische lach voortkomt; Virgilius maekt ook melding van dit kruid, en schryft: Immo, ergo Sardos videar tibi amarior herbis.

De doctor Dalechamp gelooft dat het de Ranunculus sceleratus is, eene éénjarige kruidplant, die in België ten alle kanten in de grachten en op vochtige plaetsen, wast, met handvormige bladen aen de wortels, die op de stengels vingervormig zyn, en ronde, langachtige, gele bloemen draegt. De doctor Paulet is ook van gedacht dat het die booze Ranunkel moet wezen. De Gras-Ranunkel (Ranunculus gramineus van Linnaeus), die in België ten alle kanten in het gras groeit, met regte, gladde, ronde stelen en drie of vier gele blinkende bloemen, die aen de

« VorigeDoorgaan »