Pagina-afbeeldingen
PDF
ePub

men; de Paeonia tenuifolia van Linnaeus, de Paeonia daurica van Willdenow, met donkergroene bladen en purpere violettebloemen, de Paeonia villosa, met roode bloemen, en de Paeonia hybrida van Willdenow, komen van Siberiën; de witte Pioen (Paeonia albiflora, met acht breede bloembladen en lieflyke witte bloemen, de gefronselde Pioen (Paeonia fimbriata) met dubbele purper gefronselde bloembladen, en de Paeonia bysantina, met dubbele roode bloemen, zyn van Konstantinopelen. De chinesche Kruid-Pioenen, Paeonia edulis, met welriekende, dubbele bloemen, Paeonia alba chinensis, met schoone, welriekende, zilverachtige, witte, dubbele bloemen, de schoonroode Paeonia ranunculus van China, Paeonia alba grandiflora, - lutescens, - patens, amabilis grandiflora, - speciosa, superba, elegans, formosa, globosa, - hericartiana, lutea papillosa, nivalis, odorata, - papaveriflora, prolifera tricolor, pulcherrima, - Queen's perfection, Reine Hortense, rosea delicatissima, - pallida magna, roseo cincta, tricolor, van Gentbrugge, Paeonia tricolor flavescens, triumphans, versicolor, - Victoire modeste, violacea grandiflora, en meer andere soorten, zyn allen Struik-Pioenen, die hier by onze bloemisten te vinden zyn. De Boom-Pioenen zyn de Paeonia arborea Moutan, van China, Paeonia Delachii, arborea papaveracea, - arborea flora pleno, - arborea flora pleno roseo, flora pleno rubro, odorata, - phoenicea, rosa gallica, - Victoria nivea flora plena en de wydvermaerde Pioenboom Arborea carmin pur, van L. Van Houtte, te Gentbrugge, Greffe reprise, die nog op zyne bloemlyst aen 500 franks staet geteekend, en welke zeldzame plant nog de de eenigste van hare soort is die zich tot heden in Europa bevindt. De Paeonia triumphans Gandavensis, Paeonia arborea Wapoléon, en veel andere soorten, zyn by Alexander Verschaffelt te vinden. De Paeonia arborea elegantissima, de Paeonia arborea Vandermaelii, de Paeonia arborea Demalines, met veel andere nieuwe soorten, kan men ook by Van Geert, vader en zoon, bekomen; J.-B. De Saegher, en veel andere onzer bloemisten, bezitten ook schoone nieuwe soorten, die allen meest door het zaed, uitloopers en afzetsels in den heigrond worden geplant en met een weinig te dekken onze koude winters kunnen wederstaen; maer zy worden hier veel in potten in de oranjehuizen gekweekt, om er vroeger bloemen van te hebben. De wortels van de chinesche Pioenen bezitten eenen zoeten smaek, maer laten in den mond een zeer bitter overblyfsel; nogtans vindt men by sommige apothekers nog poeijers, die met de wortels der officinele Pioenen gemaekt en als pisafdryvend middel worden aenbevolen. Het schynt dat de wortels van de chinesche Paeoenia edulis veel als toekruid worden bereid, en dat de Chinezen die voor eene voedzame spyze houden en veel eten. Galenus heeft ook die wortels beroemd om de kinderen van de stuiptrekkingen te genezen, maer de doctor Roques gelooft aen al die middelen niet, en zegt dat de Pioenen geene medecinale eigenschappen bezitten. Niettegenstaende de doctor Peyrilhe die onder de voornaemste geneesmiddelen stelt, en dat Hippocrates de moederkwalen en de verstoptheid der ingewanden daermede genas, zegt de gemelde Roques, dat al zyne proeven met die wortels gedaen, vruchteloos zyn geweest. De geschiedenis van den Pioenboom (Paeoenia arborea Moutan) is zeer wonderbaer, en de missionarissen, ten tyde hunner zendingen maer Pekin, hebben er ons een getrouw verhael van gegeven : Volgens de chinesche Kronyken, is die Pioen van over meer dan 4000 jaren in de gebergten van Honan, in China, door eenen reiziger ontdekt, die eerst die schoone plant naer zynen kruidhof heeft doen dragen en aldaer voortgekweekt, welke door hare schoone, glansryke en zoetriekende bloemen in China vermaerd en in alle gewesten der wereld verspreid is geworden. Eindelyk omtrent de VIIe eeuw, en na de omwenteling die in China heeft plaets gehad, heeft het staetsbestuer van den nieuwen keizer Tang die Pioenboom weer opgehelderd, zelfs de Keizer nam het penseel in de hand, om die schoone bloem naer natuer te schilderen, ten einde die op de tapyten te doen bewerken en daermede de paleizen te behangen en de pronkzalen te

t

versieren, die Pioen Moutan werd met eereschriften aen den Keizer opgedragen en de kweek zoodanig aengemoedigd, dat de Keizer voor de schoonstgekweekte Pioen 100 oncen goud beloofde, en voor de schoonste afgebeelde en bestbewerkte, eereteekenen verleende. De Chinezen kweeken tot heden nog met grooten drift die schoone bloem, welke den eersten rang in de keizerlyke bloemhoven heeft en voor de koningin der bloemen wordt geacht. Deze Pioenboom is eerst door de eerwaerdige zendelingen, by hunne terugreis van China, naer Europa overgebragt. Men heeft er door het hybrideren en vruchtbaermaking met het teeltstof van andere Pioenen, zeer veel schoone medesoorten uit verkregen.

PISTACHEBOOM, Terpentynboom, Pimperboom, in 't fransch Pistachier, in 't latyn Pistacia, door Tournefort Lantiscus genoemd, is door Jussieu onder de familie van de Terpentynboomen gesteld, en onder de 22e klasse van Linnaeus, Dioecia pentandria, tweehuizigen-vyfmannigen. Men vindt van die boomen verscheidene soorten, die in de warme landen groeijen : De netvormige Pistacheboom (Pistacia reticulata van Willdenow) is een langlevende boom van Sicilië, die in Italië een tamelyk groote boom wordt; de driebladige Pistacheboom (Pistacia trifolia), met zyne drie samengevoegde bladen, komt ook van Italië, de Pistacia vera van Linnaeus, is oorsponkelyk van Persië en Klein-Azië, de Pistacheboom die aen de Terpentynboom gelykt (Pistacia terebinthus van Linnaeus), is een langlevende boom van Zuid-Europa, de Pistacia lentiscus van Linnaeus, komt van Oost-Europa, en wast met gevleugelde, effene en scherpe, kleine blaedjes. Al deze boomen worden in de warme streken van Frankryk, Spaenje, Italië en elders in de lusthoven, bosschen en dreven geplant, maer kunnen onze wintersche koude niet wederstaen, en moeten hier nog in de planthuizen bevryd zyn; de vermenigvuldiging kan door uitloopers en inleggers geschieden; zy worden ook veel door de rype kerns geplant, die men hier vroeg in het voorjaer in potten in de oranjery zet. De kerns van de Pistacheboomen, die een groenachtig kleur hebben, worden meest in poeijers gestampt en als verkoelende kracht in de medecynen gebruikt. Het hout van deze boomen, dat zeer hard wordt en effen slyt, dient om lardeerpriemen, tandstokers, breinaelden, doozen en andere kleine fyne houtwerken mede te maken, en wordt door de draeijers en snyders veel gebruikt.sporum, is onder de familie van de Wegdoorns gesteld, en onder de 5e klasse van Linnaeus, Pentandria monogynia, planten die met vyf meeldraedjes bloemen en maer één stampertje hebben. De Pittosporum undulatum van Ventenat, is een langlevend heestergewas van Nieuw-Holland, dat hier wel omtrent 2 meters hoog wast, met altoos groenblyvende, groote, gladde, eivormige bladen, fyn gevlamd, die eenen welriekenden geur verspreiden, en hier meest in april bloeit, met witte bloemen op de toppen, die den geur van de Jasmynen hebben. De Pittosporum coriaceum van den Hortus Kew., is een heesterboomgewas van het eiland Madera, dat met ringvormig geschikte takken en altoosblyvende bladen groeit, en meest in mei bloeit, met bloemtrossen en witte bloemen, die vyf bloembladen in de kelken hebben, en eenen aengenamen zoelen jasmynreuk verspreiden. De Pittosporum chinensis van Desfontaines, de Pittosporum tobira van China, met zyne medesoorten, de Pittosporum revolutum van Zuid-Azië; de Pittosporum Cunninghamii, de Pittosporum glomerata compacta, en veel andere soorten van Nieuw-Galles, en het Zuiden van Azië, worden alhier by onze bloemisten gekweekt, en kunnen door inleggers, in den heigrond, en door het ryp zaed, in broeibakken onder het glas, vermenigvuldigd worden. De nuttige krachten van deze schoone heester-boomgewassen zyn my niet bekend; zy worden meest om hunne versierende bladen en lieflyke bloemen alhier gekweekt, maer moeten 's winters in de matige serren of planthuizen bevryd zyn.

PITCAIRNIA, in 't fransch Pitcairne, in 't latyn Pitcairnia, is door Jussieu onder de familie der Lelieplanten gesteld, en onder de 6e klasse van Linnaeus, Hexandria monogynia, planten die met zes meeldraedjes bloemen en maer één stampertje hebben. De Pitcairnia latifolia is eene langlevende kruidplant van de Indiën, met lange bladen, aen de boorden met doorns bezet, en stengels die omtrent 40 of 50 centimeters hoog wassen, op welker toppen van mei tot in july regte aren bloeijen, met vele lieflyke, schoone, roodblozende bloemen. De Pitcairnia bracteata van de Indiën, bloeit ook van mei tot in augusty, met schoone, roode, levendige bloemen. De Pitcairnia bicolor van de Indiën, groeit met kleine stengels en geheele, roode, purperachtige bladen voorzien; bloeit meest in november, met bloemtrossen op de toppen der stengels en kleine bloempjes, die met hemelsblauw op het einde der bloembladen gespikkeld zyn; de Pitcairnia quinqueflora is hier sedert eenige jaren van de West-Indiën overgevoerd, de Pitcairnia species nova van Bresilië, die met allerschoonste bloemen groeit, is alhier voor de eerste mael in 1844, door Alexander Verschaffelt, in den Casino te Gent, ten toon gesteld geweest; de Pitcairnia bromeliae folia, de Pitcairnia splendens en de Pitcairnia undulata van Jamaïka, zyn ook onlangs alhier door Van Geert en J.-B. De Saegher verkregen. Al deze planten moeten hier in de matige serren gekweekt worden; zy kunnen door het zaed en ook door jonge uitspruitsels, in potten op warme broeibakken vermenigvuldigd worden. Derzelver krachten zyn my niet bekend.

[ocr errors][merged small]

PLAENBOOM Plataenboom, Booghout, in 't fransch Platane, in 't latyn Platanus, is door Jussieu onder de familie der boomen die met katjes bloeijen gesteld, en onder de 21e klasse van Linnaeus, Monoecia polyandria, eenhuizigen-veelmannigen.

De oostersche Plaenboom (Platanus orientalis van Linnaeus) is een schoon langlevend gewas van Azië, dat natuerlyk in Griekenland en elders wast, en veel in België wordt geplant, het groeit met getakkelden stam, tamelyk dik en hoog, met zeer lommerryke groene Eschdoorn-bladen versierd.

« VorigeDoorgaan »